De geldigheid van je brevet (bewijs van bevoegdheid) hangt af van allerlei onderdelen die na verloop van tijd verlopen en óf je regelmatig vliegt op een type vliegtuig. Op deze pagina vindt je alle wettelijke-, verzekerings- en vliegschool eisen en wat je moet doen om het geldig te houden.

Vliegschool Hilversum biedt de mogelijkheid om je verloopdata in te vullen op een persoonlijke profielpagina. Je wordt dan tijdig geïnformeerd wanneer onderstaande items verlopen.

  • Brevet document (JAR-FCL)

  • LPE

  • Klassebevoegdheid SEP (LAPL en PPL)

  • Medical

Wat een handige service van VSH! Ik kreeg recentelijk een herinnering in mijn mailbox dat ik mijn Medical weer moest verlengen. Scheelt een hoop narigheid als dit soort data ongemerkt verlopen…
Gerard

Brevet document

Op de JAR-FCL brevetten staat een Validity datum. Dit is de datum waarop het brevet document zelf verloopt. Voor JAR-FCL brevetten gold een 5 jaars termijn. De EASA-FCL brevetten kennen geen verloopdatum meer (dus blijven geldig) en sommige vliegers en geslaagden hebben dit nieuwe document al. Het KIWA wil alle brevetten voor 8 april 2018 vervangen. Het KIWA rekent € 125,- voor een nieuw brevet document. Veel vliegers zien deze datum over het hoofd en met een verlopen brevet document riskeer je een boete (ca. €800) bij controle door de politie Luchtvaarttoezicht en ILT. Maar een groter bedrag zal je kwijt zijn bij schade, omdat je niet verzekerd bent.

JAR-FCL

PART-FCL

Ga naar onze KIWA/CBR/ILT forms pagina voor het juiste KIWA formulier voor het aanvragen van een nieuw brevetdocument.

LPE

Als je LPE verloopt en je JAR-FCL brevet ook aan vernieuwing toe is, dan is ons advies om eerst een LPE test te doen en dan gelijktijdig een aanvraag doet voor een nieuw brevet. Dit brevet wordt dan een EASA-FCL brevet met onbeperkte geldigheid (2 vliegen in 1 klap).

Geldigheid van een LPE (FCL.050):

  • ICAO Level 6 (Expert) onbeperkt
  • ICAO Level 5 (Extended) 6 jaar
  • ICAO Level 4 (Pre-operational) 4 jaar

ATC-COMM biedt een online cursus aan.

 

Note1: Een ATO met een beperkte LAB bevoegdheid (is VSH niet) mag ook tijdens Skill-tests en profchecks een LPE 4 verlengen (niet “verhogen” naar 5 of 6). Lees meer.

Note2: Het is vreemd genoeg mogelijk om met een ongeldig LPE te vliegen. In feite is dan je RT bevoegdheid ook niet meer geldig en als je niet communiceert (mic knop indrukken) is dit volgens de regels. Uitluisteren kan dus wel en je bent gebonden aan groene velden en vliegen in klasse E, F en G airspace in welke FIR dan ook. CTR’s (klasse C en D) crossen is er dus niet bij. Het is werkelijk de wereld op zijn kop en het KIWA bevestigd dit verhaal. Wij pleiten wel voor een geldig LPE, maar het kan dus ook zonder onder de genoemde voorwaarden.

FCL.055 Taalvaardigheid

a) Algemeen. Bestuurders van vleugelvliegtuigen, helikopters, powered-lift luchtvaartuigen en luchtschepen die gebruik moeten maken van de radiotelefoon, mogen de bevoegdheden van hun bewijs van bevoegdheid en bevoegdverkla­ ringen niet uitoefenen, tenzij ze een taalvaardigheidaantekening hebben op hun bewijs van bevoegdheid waaruit beheersing van de Engelse taal blijkt of de taal gebruikt voor radiocommunicatie tijdens de vlucht. Op de het bewijs van bevoegdheid moeten de taal, het vaardigheidsniveau en de geldigheidsdatum worden vermeld.

b) De kandidaat voor een taalvaardigheidaantekening moet in overeenstemming met aanhangsel 2 van onderhavig deel ten minste een operationeel niveau van taalvaardigheid aantonen voor zowel het gebruik van fraseologie als gewone taal. Daartoe moet de kandidaat zijn bekwaamheid aantonen om:

  1. effectief te communiceren met alleen maar de stem en in situaties van persoon tot persoon;
  2. over algemene en werkgerelateerde onderwerpen nauwgezet en duidelijk te kunnen communiceren;
  3. geschikte communicatiestrategieën te gebruiken voor het uitwisselen van berichten en voor het herkennen en oplossen van misverstanden in een algemene of werkgerelateerde context;
  4. met succes om te kunnen gaan met de taalkundige uitdagingen die ontstaan door een complicatie of onverwachte wending van gebeurtenissen die voorkomen binnen de context van een routinematige werksituatie of communi­ catietaak, waarmee hij voor het overige bekend is; en
  5. een dialect of accent te gebruiken dat voor de luchtvaartgemeenschap begrijpelijk is.

c) Uitgezonderd voor bestuurders die hebben aangetoond te beschikken over een taalvaardigheid op expertniveau, in overeenstemming met aanhangsel 2 van onderhavig deel, zal de taalvaardigheidaantekening worden onderworpen aan een herbeoordeling elke:

  • 4 jaar, indien het aangetoonde niveau op het operationele niveau ligt; of
  • 6 jaar, indien het aangetoonde niveau op het niveau van uitgebreide kennis ligt.

LAPL(A)

Als houder van een LAPL MLA/TMG/SEP mag je enkel de bevoegdheden van je bewijs uitoefenen wanneer je gedurende de afgelopen 24 maanden ten minste 12 uur vliegtijd als Pilot In Command met 12 starts en landingen hebt gemaakt plus een herhalingstraining van een uur hebben gemaakt met een instructeur. Dit is dus 13 uur in totaal.

Note: Je benodigde vlieguren voor het geldig houden van je MLA brevet, gelden niet voor de verlenging je SEP/TMG brevet. Andersom geldt het ook niet. Je SEP/TMG uren staan los van de MLA uren. De SEP en TMG uren kan je wel optellen om tot de benodigde vliegtijd te komen.

schermafbeelding-2016-11-15-om-09-24-06

Wij als vliegschool willen de herhalingstrainings tijd nuttig besteden door op zijn minst steile bochten, overtrek en een gesimuleerde noodlanding te oefenen.

Het is dus zaak dat je dit zelf goed bijhoudt, want je moet op ieder moment kunnen aantonen (bijv. politie Luchtvaarttoezicht en ILT) vanuit je logbook dat je aan bovenstaande eisen (vlieguren, landingen en herhalingstraining) voldoet. Het is feitelijk een soort van “window” wat iedere dag opschuift. Regelmatig vliegen is van groot belang, zoals dit voorbeeld (1 vlucht van 60 minuten in 2 maanden met 3 landingen).

Voorbeeld 2 laat zien als je onregelmatig vliegt. Op een gegeven moment zou het dan kunnen zijn dat als je 24 maanden “terugkijkt” dat je dan niet meer voldoet aan de uren eis.

Die 3 landingen in 2 maanden zijn nodig om ook aan de verzekeringseis te voldoen als je passagiers wilt meenemen,  waarover onderaan deze pagina meer.

Mocht je niet voldoen aan de 12 PIC en 1 DUAL ureneis, dan dien je dat aan te vullen met een instructeur of op een soloverklaring de benodigde vlieguren maken. Je kan ook een Profcheck overwegen waarmee je je uren weer “reset” en voor 2 jaar geen zorgen hoeft te maken.

De behaalde theorie verloopt niet.

Er hoeven geen formulieren (Herhalingstraining of Profcheck) naar het KIWA gestuurd te worden. Je mag het allemaal zelf bijhouden.

a) Houders van een LAPL(A) mogen enkel de bevoegdheden van hun bewijs van bevoegdheid uitoefenen wanneer ze, gedurende de afgelopen 24 maanden, als bestuurder van vleugelvliegtuigen of TMG’s het onderstaande hebben vol­tooid:

1) ten minste 12 uur vliegtijd als PIC, met inbegrip van 12 starts en landingen; en
2) herhalingstraining van ten minste 1 uur totale vliegtijd met een instructeur.

b) Houders van een LAPL(A) die niet voldoen aan de eisen onder a) moeten:

1) een bekwaamheidsproef afleggen met een examinator voordat ze de uitoefening van de bevoegdheden van hun bewijs van bevoegdheid hervatten; of

2) de extra vliegtijd of starts en landingen uitvoeren, met dubbele besturing of solo onder het toezicht van een instructeur, om te voldoen aan de eisen onder a).

PPL(A)

De SEP Classrating op het PPL(A) brevet is 2 jaar geldig waarbij je in het laatste jaar 12 uur gevolgen moet hebben inclusief aaneengesloten een herhalingsvlucht van een uur met een instructeur. In totaal 12 uur minimaal dus. Voor het eerste jaar geldt geen ureneis. Zie voorbeeld.

Na de herhalingstraining vul je dit formulier in samen met de instructeur, waarna een examinator de uren in je logbook checkt en je brevet aan de achterzijde aftekent. Wij mailen het formulier naar de KIWA en zetten jou in de cc. Het origineel houden we op de vliegschool.

Naast een examinator ook een instructeur brevetten verlengen n.a.v. een herhalingstraining. De instructeur moet zich dan wel hebben aangemeld bij het KIWA en een FCL.945 aantekening op het brevet hebben. Een examinator is dus niet meer per sé nodig. Let wel, de instructeur die de herhalingstraining heeft gevlogen mag het enkel aftekenen. (dus niet dat de ene instructeur de training doet een andere instructeur het brevet tekent).

schermafbeelding-2016-11-15-om-13-11-19

De trainingsvlucht dient één uur aaneengesloten te zijn. Wettelijk worden er geen eisen gesteld wat je in dit uur doet, maar wij als vliegschool willen op zijn minst steile bochten, overtrek en een gesimuleerde noodlanding zien. De herhalingsvlucht kan in het gehele 2e jaar plaatsvinden. Je zou dus alle 12 uur kunnen vliegen in de 1e week van het 2e jaar. Als de examinator dan je brevet aftekent is deze feitelijk 3 jaar min 1 week verlengd.

Mocht het door omstandigheden niet lukken om aan deze eisen (vlieguren en herhalingsvlucht) te voldoen, dan is een Profcheck mogelijk om je SEP class rating weer geldig te maken. Een profcheck is een soort van praktijkexamen en de vliegschool bepaalt vooraf hoeveel training er nodig is om dit examen te mogen doen. De behaalde theorie verloopt niet. De examinator tekent het brevet af aan de achterzijde en hiervoor hoeft geen nieuw brevet afgegeven te worden tenzij de regels op de achterkant van je brevet allemaal ingevuld zijn.

Geldigheid en hernieuwde afgifte van klasse- en typebevoegdverklaringen;

a) De geldigheidsperiode voor klasse- en typebevoegdverklaringen bedraagt één jaar, behalve voor klassebevoegdverkla­ ringen voor éénpiloot-gecertificeerde éénmotorige luchtvaartuigen, waarvoor de geldigheidsperiode 2 jaar bedraagt, tenzij anders bepaald door de gegevens voor operationele geschiktheid, in overeenstemming met deel 21.

b) Hernieuwde afgifte. Als een klasse- of typebevoegdverklaring is verlopen, moet de kandidaat:

1) indien nodig een herhalingstraining volgen aan een ATO om het bekwaamheidsniveau te behalen dat vereist is voor de veilige bediening van de relevante klasse of het relevante type luchtvaartuig; en

2) een voldoende halen voor een bekwaamheidsproef in overeenstemming met aanhangsel 9 van dit deel.

EU-verordening 1178/2011 (waaronder Part-FCL) is bij verordening 2015/445 d.d. 17 maart 2015 gewijzigd. Een van de wijzigingen heeft geresulteerd in de toevoeging van een nieuwe bepaling onder subdeel J “Instructeurs” FCL.945.

Na voltooiing van de trainingsvlucht met het oog op de verlenging van een bevoegdverklaring SEP of TMG in overeenstemming met FCL.740.A, punt b), onder 1), en alleen wanneer alle andere uit hoofde van FCL.740.A, punt b), onder 1), vereiste verlengingscriteria zijn vervuld, viseert de instructeur het bevoegdheidsbewijs van de kandidaat met de nieuwe vervaldatum van de bevoegdverklaring of het certificaat, indien hij daartoe specifiek is gemachtigd door de bevoegde autoriteit die verantwoordelijk is voor het bevoegdheidsbewijs van de kandidaat.

Houders van een bewijs van bevoegdheid met een instructeurscertificaat FI(A) met de remarks SP-SE, LAPL, PPL, zonder de beperking ‘under supervision’, of CRI(A) met de remark SE komen voor deze machtiging in aanmerking. De houder van het certificaat moet in het bezit te zijn van een geldige SEP(land) of TMG klassebevoegdverklaring in het bewijs van bevoegdheid.

Voldoet u aan de voorwaarden en wenst u in aanmerking te komen voor deze machtiging dan kunt u een aanvraag bij Kiwa Register indienen door gebruik te maken van het aanvraagformulier.

Vult u het formulier volledig in en vermeld bij paragraaf 4.2 bij remark/gewenste uitbreiding “FCL.945”.

Alleen die houders van een FI/CRI certificaat met de remark “FCL.945”, aangetekend op hun bewijs van bevoegdheid, mogen de bevoegdheid uitvoeren die aan deze bepaling ontleend kan worden.

Uw aanvraag zal volgens de op het aanvraagformulier vermelde procedure worden afgehandeld.

Voor houders van een bewijs van bevoegdheid met daarin aangetekend de klassebevoegdverklaring SEP(land) en/of TMG kunnen voor de verlenging van de bevoegdverklaring, mits voldaan aan FCL.740.A, punt b), onder 1, door deze nieuwe bepaling in voorkomende gevallen ook hun bewijs van bevoegdheid laten aftekenen door een instructeur die daartoe een specifieke machtiging heeft zoals in dit bericht beschreven.

Medical

Voor een LAPL(A) brevet bestaat er de LAPL keuring. Voor het RPL(A) en PPL(A) brevet dien je een klasse II keuring te ondergaan bij een Aeromedical Center (MED.A.040). Kijk hier voor de lijst en kies er 1 in de buurt. De keurings frequentie van de herhalingskeuringen is afhankelijk van je leeftijd en type keuring (MED.A.045).

Inzage in de gehele Part-MED kan je op onze KIWA/CBR/ILT pagina vinden.

  1. Een medisch certificaat mag uitsluitend worden afgegeven, verlengd of hernieuwd afgegeven als de vereiste medische onderzoeken zijn afgerond en de aanvrager als geschikt is beoordeeld.
  2. Eerste afgifte
    1. Medische certificaten klasse 1 worden door een luchtvaartgeneeskundig centrum afgegeven.
    2. Medische certificaten klasse 2 worden door een luchtvaartgeneeskundig centrum of een bevoegde keuringsarts afgegeven.
    3. Medische certificaten voor LAPL worden afgegeven door een luchtvaartgeneeskundig centrum, een bevoegde keu­ ringsarts of een huisarts, indien dit is toegestaan bij de nationale wetgeving van de autoriteit die het bewijs van bevoegdheid afgeeft.
  3. Verlenging en hernieuwde afgifte
    1. Medische certificaten klasse 1 en klasse 2 worden verlengd of hernieuwd afgegeven door een luchtvaartgeneeskun­ dig centrum of een bevoegde keuringsarts.
    2. Medische certificaten voor LAPL worden verlengd of hernieuwd afgegeven door een luchtvaartgeneeskundig cen­ trum, een bevoegde keuringsarts of een huisarts, indien dit is toegestaan bij de nationale wetgeving van de autoriteit die het bewijs van bevoegdheid afgeeft.
  4. Het luchtvaartgeneeskundig centrum, de bevoegde keuringsarts of huisarts mogen uitsluitend een medisch certificaat afgeven, verlengen of hernieuwd afgeven indien:
    1. de aanvrager een volledige medische geschiedenis heeft overgelegd alsmede indien geëist door het luchtvaart­ geneeskundig centrum, de keuringsarts of de huisarts, voor zover van toepassing de resultaten van medische onderzoeken en tests uitgevoerd door de huisarts van de aanvrager of eventuele medische specialisten;
    2. zij de luchtvaartmedische beoordeling hebben uitgevoerd op basis van de luchtvaartmedische onderzoeken en tests die voor het relevante medische certificaat vereist zijn om na te gaan of de aanvrager aan alle relevante eisen van dit deel voldoet.
  5. De bevoegde keuringsarts, het luchtvaartgeneeskundig centrum of, in het geval van verwijzing, de autoriteit die het bewijs van bevoegdheid afgeeft, kan van de aanvrager verlangen aanvullende medische onderzoeken en beoordelingen te ondergaan, indien hiertoe klinisch aanleiding bestaat.
  6. De autoriteit die het bewijs van bevoegdheid afgeeft, mag een medisch certificaat afgeven dan wel opnieuw afgeven, indien:1) een geval is doorverwezen;
    2) deze heeft vastgesteld dat correcties van de informatie op het certificaat noodzakelijk zijn.

a) Geldigheid

  1. Medische certificaten klasse 1 zijn geldig voor de duur van twaalf maanden.
  2. De geldigheidsduur van medische certificaten klasse 1 wordt tot zes maanden beperkt voor houders van bewijs van bevoegdheid die:
    1. commerciële passagiers vluchten uitvoeren op een-vlieger gecertificeerd luchtvaartuig en die de leeftijd van 40 hebben bereikt;
    2. de leeftijd van 60 hebben bereikt.
  3. Medische certificaten klasse 2 zijn geldig voor de duur van:
    1. 60 maanden tot de houder van bewijs van bevoegdheid de leeftijd van 40 bereikt. Een medisch certificaat dat wordt verstrekt vóór het bereiken van de leeftijd van 40 is niet meer geldig wanneer de houder van bewijs van bevoegdheid de leeftijd van 42 bereikt;
    2. 24 maanden in de leeftijdscategorie van 40-50 jaar. Een medisch certificaat dat wordt verstrekt vóór het bereiken van de leeftijd van 50 is niet meer geldig wanneer de houder van het bewijs van bevoegdheid de leeftijd van 51 bereikt; en
    3. twaalf maanden voor de houder van het bewijs van bevoegdheid ouder dan 50 jaar.
  4. Medische certificaten voor LAPL zijn geldig voor de duur van:
    1. 60 maanden tot de houder van het bewijs van bevoegdheid de leeftijd van 40 bereikt. Een medisch certificaat dat wordt verstrekt vóór het bereiken van de leeftijd van 40 is niet meer geldig wanneer de houder van het bewijs van bevoegdheid de leeftijd van 42 bereikt;
    2. 24 maanden voor de houder van het bewijs van bevoegdheid ouder dan 40 jaar.
  5. De geldigheidsduur van een medisch certificaat, met inbegrip van bijbehorend onderzoek of speciale beoordeling, wordt:
    1. bepaald door de leeftijd van de aanvrager op de datum waarop het medisch onderzoek plaatsvindt; en
    2. in het geval van eerste afgifte en hernieuwde afgifte berekend vanaf de datum van het medisch onderzoek, en in het geval van verlenging vanaf de vervaldatum van het voorgaande medisch certificaat.

b) Verlenging

Onderzoeken en/of beoordelingen voor de verlenging van een medisch certificaat mogen worden uitgevoerd tot 45 dagen voor de vervaldatum van het medisch certificaat.

c) Hernieuwde afgifte

  1. Indien de houder van een medisch certificaat niet aan (b) voldoet, is een onderzoek en/of beoordeling voorhernieuwde afgifte vereist.
  2. In het geval van medische certificaten klasse 1 en klasse 2:
    1. indien het medisch certificaat meer dan 2 jaar is verlopen, mag het luchtvaartgeneeskundig centrum of de bevoegde keuringsarts het onderzoek voor hernieuwde afgifte uitsluitend uitvoeren na beoordeling van de luchtvaartmedische dossiers van de aanvrager;
    2. indien het medisch certificaat meer dan 5 jaar is verlopen, zijn de onderzoekseisen voor eerste afgifte van toepassing en wordt de beoordeling gebaseerd op de verlengingseisen.
  3. In het geval van medische certificaten voor LAPL, moet het luchtvaartgeneeskundig centrum, de bevoegde keurings­ arts of de huisarts de medische geschiedenis van de aanvrager beoordelen en het luchtvaartmedische onderzoek en/of de luchtvaartmedische beoordeling uitvoeren in overeenstemming met MED.B.095.

Wet- en Verzekeringseis

Vanuit de wetgeving en de verzekering geldt nog een eis om passagiers mee te mogen nemen. Dit is dat je binnen 90 dagen gevlogen moet hebben met 3 starts en landingen. Voldoe je hier niet aan, dan mag je pas na een solo- of instructievlucht met 3 starts en landingen, passagiers meenemen.

Vliegschool eis

Tot slot stellen wij als vliegschool de eis dat je binnen 90 dagen sowieso gevlogen moet hebben op het type vliegtuig uit onze vloot. De Tecnam, Cessna en Piper zijn 3 verschillende types. Vlieguren gevlogen op andere vliegtuigen tellen in principe niet mee, maar gaat in overleg met de Head of Training.